>> HOMEpage

Gerlich Doys (1626-1685)
en zijn bibliotheek

Bron: Tresoar, archief Nedergerecht Leeuwarderadeel, weesboek nr. 108 fol. 61-111, i.h.b. 78-84.
Internetuitgave: M.H.H. Engels, september 2014; boekenlijst sorteerbaar gemaakt en met (familie)geschiedenis toegelicht, verdere hoogtepunten uit de boedelinventaris toegevoegd, herfst 2018


vgl. 2 en vgl. 3
Gerlich Doys (Deventer 1626 - Jelsum 1685), raadsheer in het Hof van Friesland (1669-1684), was een afstammeling van een oud Noord-Frans geslacht uit de omgeving van Douai; vandaar de familienaam (Douais > Doys). Het geslacht is naar Gelderland en later naar Overijsel getrokken. Het familiewapen bestaat uit drie gouden penningen op een zwart veld. Van Gerlichs bezittingen is op 28 oktober 1686 "ten sterfhuys tot Jelsum" [Dekemastate] een inventaris opgemaakt "mitsgaders warderinge".
De spelfouten zijn ofwel "hoorfouten", d.w.z. het gedicteerde is verkeerd verstaan door de klerk, ofwel leesfouten indien de tekst is overgeschreven. Voor het eerste pleit bijv. de achtste titel. Enkele, zeker niet alle, verbeteringen zijn in deze uitgave aangebracht. Bovendien is er - onder voorbehoud - een poging gedaan de edities deels te identificeren. Toegevoegd is een nummering met formaataanduiding (f, q, o, d: folio, quarto, octavo, duodecimo). Bij de waarde-aanduidingen is i.v.m. de sorteermogelijkheid in de tabel : vervangen door 0. Wil met sorteren naar oplopende waarde, dan eerst op stuivers en vervolgens op guldens!
Op 29 november 1647 staat Doys ingeschreven in het Album studiosorum van Groningen als Gerlacus Doys Daventriensis met als leeftijdsaanduiding 19! Van studie in de rechten door Doys is niets bekend: mogelijk in het buitenland, bijv. aan de rechtenuniversiteit te Orléans? Te Groningen heeft hij gestudeerd bij de hoogleraar in de filosofie Martinus Schoockius (vgl. disputatie 8); Simon Abbes Gabbema was respondent bij disputatie 7. Aan de Illustere school te Deventer was hij op 17 oktober 1646 ingeschreven als Gerlacus Doijs, Daventriensis. Alleen al door zijn adeldom en zijn (tweede) huwelijk (Nijland 1660) met de Friese Anna Catharina van Unia kon hij echter in 1669 aanspraak maken op het raadsheerschap in het Hof van Friesland, en wel in plaats van Jetze van Sminia, die vanwege de benoeming op 2 juli van dat jaar tot grietman van Gaasterland t.g.v. hem als raadsheer resigneerde; in 1649 was Doys getrouwd met Maria Goraysky de Goray (* 1629, † 1657).
'Bruilofts-zang ter eeren van den wel-edelen, eerentvesten ende wel-geleerden joncker Gerlacus Doys bruidegom, ende ... juffer Maria Goraiska afcomstich uit de hoogh-eedele, seer-oude ende wijt-beroemde geslacht der Poolsche baronnen van Goray, mede erff-dochter in Esinghe ende Ferwert &c. bruidt; door Venus minne-snoer aen een geschakelt binnen Groningen op den 9./19. van Wijn-maant 1649' Maria Goraisky was volgens een rouwbord in de kerk van Nijland "boven anderen begiftigd met bijzondere gaven des geestes". Die genen had zij van haar geleerde grootvader Peter Goraysky. Heeft zij ooit Anna Maria van Schurman (* Keulen 5-11-1607 – † Wieuwerd, 14-5-1678) ontmoet?
In 1660 begon Gerlich Doys een proces tegen zijn schoonvader Johannes Gorayski de Goray om aanspraak te kunnen maken op de bezittingen van zijn overleden vrouw. Maria's ouders hadden echter een wederzijds testament laten opstellen dat juist het erfdeel van Maria beschermde: de afloop van dit geding is niet bekend; Nieuwsbrief 52.
Zijn voorgaande loopbaan was kapitein van een compagnie te voet. In verband met de oorlogstoestand in 1672 is hij benoemd tot gecommitteerde te velde. Op 15 februari 1676 werd hij curator van de academie te Franeker.
In 1633 was Dekemastate te Jelsum bij testament overgegaan van Anna Catharina van Dekema aan haar achterneef Julius Mockema van Unia. Dochter Anna Catharina van Julius Mockema van Unia trouwde in 1660 met Gerlich Doys, weduwnaar van de Poolse Maria Gorayska de Goray. In december 1678 kocht Gerlich Dekemastate van zijn zwager Douwe Carel, de grietman van Tietjerksteradeel. De koopbrief werd pas op 28 januari 1681 gepasseerd en de koopsom (2400 Carolusgulden) nog later, op 19 november 1685 betaald. Gerlich Doys thoe Nieulandt en Hielsum (Nijland en Jelsum) is dan in naam al zeven jaar eigenaar van de state! - Volgens de personele goedschatting, impositie ofwel belasting van 1672 is Doys aangeslagen voor een vermogen van 20.000 gulden; vgl. Hoogst aangeslagenen Friese elf steden 1672: "Corte staat van de personen 10.000 £ en daerboven begoedicht". Hij bevond zich daarmee in de rijkere helft van de aangeslagenen. - Op 21 december 1685 is Gerlich overleden. Omdat de vijf jongste van de kinderen van Gerlich en Anna Catharina in de jaren 1670 t/m 1675 te Leeuwarden geboren zijn, lijkt het aannemelijk dat er behalve de states in Nijland en Jelsum ook nog een verblijf in het Friese bestuurscentrum beschikbaar was: als winterverblijf en dichtbij het werkadres, het Hof van Friesland.
Op folio 77 recto van de inventarisatie in 1686 met waardebepaling van het bezit van Doys worden onroerende goederen opgesomd "In de uitrecescamer tot Leeuwarden ten huyse van Vrou Sissinga", beginnend met 'een ledecant met groen behangsel ende een bedspreed 24-:-, een bed ende een peul 35-:-'. Everhardus Marius Sissinga (ook van Sissinghe), geboren Groningen 1630, overleden 1672, 42 jaar oud, was te Leeuwarden op 29 oktober 1659 getrouwd met de toen 29-jarige Lucia Juws Unia. Lucia, de weduwe Sissinga, was een zuster van Anna Catharina, de tweede echtenote van Gerlich Doys. Een receskamer of vertrekkamer was letterlijk een kamer waar men zich kon terugtrekken, hier in de samenstelling met uit een privé-vertrek buiten de eigen woonplaats. In het artikel 'Iets over eenige huizen in de Groote Kerkstraat te Leeuwarden' in de Vrije Fries 32(1934), 57-74, beschrijft de toenmalige gemeente-archivaris mej. Rinske Visscher o.a. de geschiedenis van het Dekamahuis tegenover het Princessehof. Het oostelijke gedeelte werd omstreeks 1680 in huur bewoond door Lucia van Unia, weduwe van Everhardus Marius Sissinghe; vgl. blz. 65. In 1846 is het oude Dekemahuis afgebroken om plaats te maken voor het gebouw dat sinds 1875 de H.B.S. voor meisjes was.



De (eerste) schoonouders van Doys waren Johannes Demetrius Goraisky en Everdina Alberda. De broers Johannes en Christinus Goraisky waren met hun gouverneur Johannes Makovsky uit Polen naar Franeker gekomen om daar te studeren; Makovsky werd er hoogleraar theologie en noemde zich in het Latijn Maccovius. Volgens deel II van het handschrift Doys hebben Johannes Demetrius en Everdina in de dertiger jaren een huis te Slochteren gebouwd; daar is zij op 5 juli 1658 overleden en vervolgens te Groningen in de Broerkerk begraven. Everdina Alberda wordt in 1652 als bewoner van Hottingastate te Nijland genoemd. Haar man is - blijkens een rouwbord in de kerk van Nijland - gestorven op 10 augustus 1678.
Een groepsportret in de groene gang van Dekemastate, op de voet van de pilaar links gesigneerd door Hendrick Cornelisz. van Vliet en gedateerd 1654, is in 1791 op Dekema terecht gekomen toen Gerardus van Wageningen trouwde met slotvrouwe en erfdochter van Dekemastate Juliana Houth. Het echtpaar heeft het schilderij ten geschenk gekregen van de nicht van Gerardus, Johanna Cornelia van Wageningen; vgl. Nieuwsbrief 15. De brochure Dekema state Jelsum (april 2018) geeft op blz. 11 als datering 'rond 1750' en meldt dat volgens overlevering leden van een vroege tak van de familie Van Wageningen worden weergegeven! Jean M.A. van Wageningen schrijft in 'Van Wageningen tot Dordrecht': vijf eeuwen handel en wandel van de familie van Wageningen, Groningen 2007, op blz. 43 en 44 over dit groepsportret en laat een niet met name genoemde expert op het gebied van de 17e-eeuwse Nederlands-Vlaamse schilderijen aan het woord. Laatstgenoemde noemt het zeer interessant dat van Vliet dit schilderij in pastorale stijl gemaakt heeft, terwijl hij tot ongeveer 1650 voornamelijk portretten in conservatieve stijl schilderde en zich nadien op kerkinterieurs concentreerde. "Het jongetje heeft een hamertje ... De juwelen zijn er om te tonen dat de familie rijk en succesvol was, maar waarschijnlijk ook als een waarschuwing tegen de vergankelijkheid van het leven". Het eerste deel van dit citaat kan bij nadere beschouwing gecorrigeerd worden: het voorwerp is te lang om met een verkleinwoord te beschrijven. Genoemde expert en ook het Iconografisch Bureau (RKD) in Den Haag zien niets in de veronderstelling dat het gezin van de schrijnwerker en muntersknaap Jan Corstiaensz. van Wageningen zou zijn afgebeeld. Volgens J.M.A. van Wageningen "blijft het mooi om te dromen dat dit oude Van Wageningens zijn".


Waarschijnlijker is dat schilder van Vliet (Delft ca. 1611-1675) een portret heeft gemaakt van vader kapitein Gerlich Doys, moeder Maria Goraisky, hun vier kinderen en Maria's moeder Everdina Alberda, die toen op Hottingastate woonden. De man is als militair te herkennen door het gedeeltelijk zichtbare harnas onder zijn kleding. Zijn rechterhand rust op de rugleuning van de stoel waarop zijn vrouw zit; bij zijn linkerhand lijkt de mouw van zijn vrouw overschilderd te zijn. Een van de twee oudste meisjes houdt een herdersstaf (1) in haar hand, op de voorgrond rechts zit een jongetje met niet een hamertje maar een zogenaamde Poolse strijdhamer (2), het jongste kind heeft een kersentakje (3) in de rechterhand.
De drie kinderen met attribuut zijn afgebeeld naar rechts (af)gewend (1), in de voorgrond (2), resp. met blote voeten (3), wat kan symboliseren dat zij overleden zijn. De rijkdom blijkt uit de parelkettingen, een- en andermaal vermeld in de inventaris. Het is een deels gefantaseerde schildering in pastorale stijl. De leeftijden van de kinderen zijn wat de overledene betreft relatief weergegeven, d.w.z. zoals ze in 1654 in leven zouden kunnen hebben uitgezien. De kinderen waren Helena Elisabeth (* 21 juli 1650, † 26 juli 1650), Helena Elisabeth (* 19 juni 1651, † 1684), Derck (* 1652, † 1653) en Everdina (* 10 oktober 1653, † 13/14 januari 1669).
In de boedelinventaris van 1686 komt dit schilderij niet voor. Een plausibele verklaring zou kunnen zijn, dat het gemaakt is voor de schoonouders van Gerlich Doys, de ouders van Maria Goraysky, te Slochteren. De prominent op het groepsportret aanwezige (schoon)moeder had zo haar kleinkinderen "bij zich". Mooi dat het schilderij via via in 1791 vanuit Groningen in Friesland op Dekemastate te Jelsum bij de andere Doysportretten "terecht"kwam.
Hendrick Cornelisz. van Vliet is op 28 oktober 1675 in zijn geboortestad Delft begraven; hij was in 1643 getrouwd met Cornelia van der Plast; hun woonhuis lag aan de oostzijde van de oudste gracht, de Oude Delft; het wordt als belender ten zuiden genoemd in 1655, 1682 en 1688; in twee laatstgenoemde jaren wordt de weduwe van Vliet als bewoonster genoemd.
In hetzelfde jaar waarin Hendrik van Vliet dit portret in pastorale stijl van het gezin van Gerlich Doys met diens schoonmoeder heeft geschilderd, ontstond het eveneens pastorale portret van de kinderen van Pieter van Harinxma door Wybrand de Geest. Wellicht werd Doys door Harinxma geïnspireerd of andersom. Er is een aanwijzing dat 'meester van Vliet' in elk geval een kennis van Doys was.

De boedelinventaris vermeldt onder de kop 'In een bovenzael' op fol. 64 recto: een portret van w. de heere Doijs grootvader en -moeder cum lib[e]ris, een portret van w. Vrou Maria Guaraiske[!], een van w. de heere Doijs, noch een van w. Vrou Anna Catharina van Unia. De portretten van Gerlich Doys en Anna Catharina zijn niet in Dekemastate aan te treffen.

Gerlichs belangstelling voor genealogie blijkt uit de bewaard gebleven aantekeningen in twee foliodelen bekend als handschrift Doys in Tresoar; vgl. de inhoudsopgave. In feite zijn het drie foliodelen, die 769, 561 resp. 341 bladzijden tellen. Bij testament van Mr. Ulrich Herman Wielinga Huber († Kornjum 17 oktober 1871) zijn deze folianten vermaakt aan het "Provinciaal Gerechtshof in Friesland" - waarin hijzelf raadsheer was - en door dat Hof op 11 mei 1872 in ontvangst zijn genomen. Huber was in 1821 getrouwd met Anskje Doys Vegelin van Claerbergen; daardoor was het handschrift in zijn bezit (op Martenastate) gekomen. Met de bibliotheek van het Hof van Friesland is het in de Provinciale Bibliotheek van Friesland opgenomen, die in 2001 is opgegaan in Tresoar. De tekst is net en duidelijk geschreven en vooral in het eerste deel veel familiewapens daarbij getekend en ingekleurd. In het tweede en derde deel komen heel wat blanco bladzijden voor, deels met alleen namen van geslachten die niet zijn uitgezocht: voltooid is het werk dus niet. Het meeste is in het Nederlands geschreven, al staan er ook stukken in het Latijn in en een paar keer een artikel in het Frans.
Het eerste deel begint met de genealogie van het geslacht Doys, het tweede met de Goraysky's - Genealogia Goraiskiorum Lib. Poloniae Baronum de Goray - die afstammen van de koningen van Hongarije, het derde - na een lang stuk in het Latijn - weer met het geslacht Doys (vrij veel herhaling), dat ongeveer de helft van dat boek beslaat. Behalve genealogieën staan er in de boeken heel wat afschriften van akten, missives (officiële schriftstukken) en andere aantekeningen. Ook koopbrieven, leenbrieven etc. worden aangehaald; volgens J.W. Zantema (dorpskrant "De Flapút", 10e jrg. 1989/90, helaas incompleet bewaard in Tresoar) echter niets m.b.t. Jelsum en Koarnjum. Volgens een artikel van Jan van Wageningen thoe Dekama in de Friesche Volksalmanak van 1897 onder de titel "Een raadsheer-krijgsman" zou zich op Dekemastate een schilderij bevinden "voorstellende de 64 stamdeelen of kwartieren van 's Raadsheers zoon Johan Lodewijk". Dat hangt tegenwoordig in de zgn. groene gang.
De inventaris vermeldt op fol. 169 verso onder de nog te betalen schulden: Cornelis Clasen wegens een groot paneel tot de quartieren ende een grote roukas etc. 22-1-; Pybo Wiaerda ende Harmannus Monsma wegens het schildery vant Blasoen, wapens, quartieren etc. 94-1-. Landschapsverwer, mr. kunstschilder Pybe Wiaerda woonde in de Poststraat en overleed in 1709; de katholieke portretschilder Harmen Willemsz. Monsma is 10 november 1687 begraven in de Oldehoofsterkerk.


>> afbeelding in kleur

Ook Gerlichs bibliotheek - die hij uitdrukkelijk vermaakt had aan zijn zoon Johan Lodewijk (portret hierboven) - en de kaarten aan de wanden in het voorhuis getuigen van zijn speciale belangstelling voor (zijn) familiegeschiedenis. Genealogie, gelachtslijst, stamboom of het Latijnse stemma (een Grieks leenwoord, vandaar het meervoud stemmata) zijn de trefwoorden. Stambomen nemen veel ruimte in: geen wonder dat er bijna uitsluitend grote formaten (folianten) voor gebruikt zijn.

De boekenverzameling telde 65 folianten en 96 items in quarto-, evenveel in octavo- en 48 in duodecimo-formaat: totaal 305. Boekhandelaar en -drukker Cornelis Tietema (ook Teydema, over de Markt bij de Waag, 1684-92, in 1689 29 jaar) heeft de boeken geïnventariseerd en getaxeerd in de volgorde zoals ze in kasten stonden opgesteld, de folianten op de onderste planken, de quarto's t/m duodecimo's telkens steeds hoger in de kasten. Boeken uit de verschillende wetenschapsgebieden stonden ook afgezien van hun formaat niet bij elkaar. De huidige boekerij in Dekemastate stamt van borg Verhildersum te Leens in Groningen. De geschiedenis van de bibliotheek van Doys is onbekend: of is de collectie geheel of gedeeltelijk net zoals het handschrift Doys in het bezit gekomen van U.H. Wielinga Huber? Boeken met een eigendomsmerk Doys zijn niet getraceerd.
De hoogste waarde (12 gulden) kende Tietema toe aan de 14-delige "Saecken van Staet ende Oorlog" door Lieuwe van Aitzema (nr. 91, in quarto; een inhoudelijk afwijkende versie in folio verscheen tussen 1669 en 1672 in zes delen); 27 werken schatte hij op 2 tot 3, negen op 3 tot 4, vier op 4 tot 5, vijf op 5 tot 6 gulden, het Wapenboeck Hoogduitsche Edelen op 6 gulden en 6 stuiver, een Nederduitse Bibel op 7 en een halve gulden, het Kruidboek van Dodonaeus (in het Latijn) op 7 gulden, Cloppenburgs werken in twee delen, ook in het Latijn, op 8 gulden en Simon van Leeuwens Batavia illustrata op 10 gulden. De totale waarde bedroeg zo'n 327 gulden: gemiddeld iets minder dan één gulden per titel.
De rechtskundige werken (vooral rechterlijke uitspraken) houden verband met Doys' functie van raadsheer in het Hof van Friesland; eigentijdse Friese juristen zijn goed vertegenwoordigd. De geschiedkundige boeken, waarvan de genealogische een flink deel uitmaken, wijzen op zijn liefhebberij: genealogie en heraldiek, vooral van adel- en vorstendom; Gelderland, Overijssel, Holland, Utrecht, Duitsland, Polen, Hongarije; Friese geschiedenis interesseerde hem ook. Letterkunde (klassieken), filosofie (logica) en godgeleerdheid is in duidelijk mindere mate aanwezig. Enkele werken over kruidkunde en tuinieren, een standaardwerk over turfwinning, twee handschriften en een 'old medecijnboeck' vallen verder op.
Een vergelijking van de folianten met die in de bibliotheek van het Hof van Friesland heeft in de catalogus van 1776 een Pontanus in de editie van Harderwijk 1639 opgeleverd: signatuur Hof 80 folio; nadien is nog een editie Arnhem 1654 verworven: Hof 720 folio, waarin bijv. op blz. 469 een 'geslacht-bert van de Graven van Kleve' en op blz. 221 'De stam-boom der vorsten van Gulich ende den Berge. Laatstgenoemd exemplaar heeft niet de typische perkamenten band met het goudgestempelde eigendomsmerk "vrouwe Justitia" van Hof van Friesland, maar is gebonden in een halflederen band zonder Justitia-stempel. Het eerstgenoemde exemplaar is gebonden in een typische Hof-band: perkament over karton, in goud voorop ovaal stempel Justitia, achterop wapen van Friesland (twee lopende leeuwen en verspreid zeven spanen van de zeven Friese zeelanden); op de rug is met bruine inkt geschreven (bovenaan) de titel H: PONTANI / HISTOR: GELR: en (op het derde vlak van onder) signatuur 80. Terwijl in de bibliotheek van de universiteit van Franeker de bruin lederen band overheerste, bood die van het Hof van Friesland de aanblik van ivoorkleurig perkament. Van de Franeker bibliotheek bestonden aanwinsten grotendeels uit reglementaire schenkingen van professoren bij hun aantreden of legaten bij overlijden, en van promovendi; bij de bibliotheek van het Hof van Friesland te Leeuwarden is zoiets niet bekend.
Hof 669 folio is gebonden in bruin gespikkeld leer over karton met op de platten in goud een dubbellijns kader, op de hoeken daarvan een ornament in goud, in het midden het boekmerk Hof van Friesland (Justitia) bijgestempeld; de rug vertoont tussen de nerven goudstempeling, in het tweede vlak van boven de rugtitel TRIOMPH/ DE LOVIS/ LE JUSTE in goud, in het derde signatuur 669 in goud bijgestempeld. Dit boek zou uit de bibliotheek van Doys kunnen(!) stammen.
De bibliotheek van het Hof bevat twee exemplaren van de "Catalogus instructissimi bibliothecae quae est in Supremâ Frisiorum Curiâ ... secundum pluteorum series, ut & ordine alphabetico digestus opera Samuelis Arcerii", Leovardiae, apud Jacobum Petri Hagenaer, bibliopolam MDCLXVIII, beide in handschrift aangevuld met de titels van aanwinsten, echter het bis-exemplaar met de meeste en wel tot en met 1701: men vergelijke bijv. blz. 95. Beide zijn gebonden in perkamenten splitselbanden in goud bestempeld met de kenmerken van het Hof van Friesland. Op het voorste schutblad van het eerste exemplaar (Hof 730 fol) staat - behalve in zwierig handschrift bovenaan 'Samuelis Arcerii Catalogus' - onderaan door (drie?) verschillende handen: Meester Van Vliet / Met / vader // M / Mijn vader M / il ecoute se meme, dit un de Sorbonne. De aantekeningen onderaan intrigeren: de schilder van Vliet heeft gewerkt voor Doys. Is deze catalogus het exemplaar uit de boedelbeschrijving? Slaat "Il ecoute soi-même, dit un de Sorbonne" op Doys en heeft die te Parijs gestudeerd?
Mogelijk stamde een deel van de boeken uit het bezit van Gerlichs vader Derck/Diederick Doys (Zwolle 1593 - Deventer 1630), lid van de Raad te Deventer. Gerlichs zoon Johan Lodewijk (1669-1702) werd in 1692 kapitein. Diens oudste broer Dirck/Diederick Julius (1660-1692) was ook kapitein, en wel van een compagnie infanterie; deze heeft te Franeker vanaf 18 september 1676 filosofie gestudeerd: Theodorus a Doys, nobilis Frisius, filius nob. et ampl. do. senatoris Dois. Deze Dirck/Theodorus is in 1680 door de juridische senaat van de universiteit tot kamerarrest veroordeeld, maar daaruit door zijn vader de curator met wapengeweld bevrijd!
Er hingen vijf "kaarten" in het voorhuis, dat met zijn "ses spaense rustleren stoelen", maar geen tafel, een soort wachtkamer en/of galerie voor bezoekers was. Bij de kaarten moet men hier niet denken aan landkaarten maar aan wapenkaarten (familiewapens) en prenten.





78r
Boecken ofte Biblioteecq aen Johan Loeys Doys gepraelegateert ende door Cornelis Tietema Mr. Boeckvercoper binnen Leeuwarden onder Eede getauxeert.

tellingf
o
r
m
a
a
t
titelbeschrijving
[met aanvullingen, waaronder mogelijke editie(s)]
g
u
l
d
e
n
s
t
u
i
v
e
r
In folio




1fPrincipes Hollandiae[, Zelandiae et Frisiae. Harlemi 1650]15
2fLes Triumphes [= Triomphes] de Louis de [= le] Juste met plaeten [Paris 1649]50
3fBatavia illustrata van [Simon van] Leeuwen [Leydae 1609]100
4fKerckelijcke historiën van Bironius [= Baronius]28
5feen Nederduitse Bibel710
6fRerum polinicarum [= politicarum] scriptores015
7fPontani historiae Gelriae [Gelricae libri XIV. Hardervici 1639]28
8fRerum Ungaricarum decades Antoni Bamphilii [= Bonfinii, Basileae 1543]10
9fTrophees [tant sacres que prophanes de la duché] de Brabandt [Anvers 1641; ex. Openb. bibl. Lyon (ed. Hanoviae 1606 op Google books) met wapen Goraisky in goud op de platten)]012
10fGermaniae Gabrielis Borsolini [= Bucelini Germania topo-chrono-stemmato-graphica, Augustae Vindelicorum 1655 of Ulmae 1662]
10
11fHistoria Frisiae Ubbonis Emmi[i]20
12fAnnales [genealogiques] de la Maison de Lynden [divisées en XV livres, Anvers 1626]15
13fReusneri [= Elias Reusner] Leorini Lenealogicum [= Genealogicum, Francofurti 1592]012
14fCronyck van Hollant ende West Frieslant25
15fRes Burgundicae Hauteri [= Pontus Heuterus/ de Huyter (1535-1602; oudste genealoog van de Noordelijke Nederlanden); met genealogieën, 1583]08
16fGenealogiae Francicae [plenior assertio] Chiffletii [= à Jacobo Chiffletio male concinn. auctore Davide Blondello, Amst. 1654]210
17fDen Nederlantschen Herault van Thomas de Rauck [= I. Adelijk toneel ... allerley Trappen van Adeldom alsmede ... Wapen-schilden in Koninckrijcken, Gemeene-Besten, steden en volkeren van oude tijden af tot deze eeuw toe in gebruyck geweest zijnde beschreven door Thomas de Rouk, Amsterdam 1672; II. Korte beteeckeninghe der Konst-woorden ende formulen van spreecken in Herauldie, Leyden 1645; in het eerste deel bijv. blz. 237-279 Kwartier-staten Bourgoigne III, in het tweede deel bijv. blz. 55 Eenige seltsame blasoenen (illustratie)]015
18f[Libri quatuor] De scrupulis chronologorum Scuberti [= Clemens Schubert over tijdrekenkunde; Argentorati 1575]04
19fStemmata gentium Streinii [= Gentium et familiarum Romanarum stemmata, door Richard Strein von Schwarzenau, Parisiis 1559]03
20feen Martelaers boeck [Dordt 1657?]28
21fHerbarius Dodonei70
22fActa Sinodi nationales [= nationalis, Dordrechti 1620]210
23fOpus schronologicum [= chronologicum] Coelvisii [= Sethus Calvisius, Francof. 1620]15
24fDe konincklijcke [= koninglycke] hovenier [Amsterdam 1676]33
25fAnnales [Everhardi] Reidani [Leidae 1633]116
26fBaudartii gedenckwaerdige geschiedenissen [Zutphen 1624]40
27fHistorie van Frieslant [Christiani] Schotani [Franeker 1658]50
28fBeschrijvinge van Frieslant [Franeker 1655]510

78v


29fEen old medecijnboeck010
30feen ges. Friesche Cronyck [handschrift]110
31fCatalogus Bibliothecae supremae Curiae [1688]10
32feen boeck van de Veltbouw [ofte lant-winninghe, inhoudende eene rechte wel bestellinge eenes hofs te bouwen, cruyt-hoven ende fruyt-hoven te maken; Charles Estienne; Amsterdam 1622]06
33fPlaccaeten ende ord[onnan]tien [der Staten van Holland?, Amsterdam 1645]210
34fDescription de tout[s] le[s] Paibas [Pays-Bas] Guiccardini [Arnhemi 1617]20
35fStatuta regni Poloniae [met 10 bladen ill. (houtsneden van familiewapens); diverse edities, zoals Cracoviae 1548 en 1567, Dantisci 1620]10
36fFriesche historie van Scharlensis310
37fToneel der Princen [= Nicolaes de Clerck, Tooneel der beroemder hertogen, princen, graven ende krygshelden, Delft 1617; portretten en levensbeschrijvingen van "Borgondien, Oostenrijck, Saxen, Paltz, Hessen; Duytsche, Hungersche ende Poolsche Helden; van Ridderlicke Orden, Venetianen, Genevoysen, Milanen, Florence, Mantua ende Valentinoys, Parma, Savoyen, Lottringen, Vranckrijck, Engelsche, Spaensche ende Portugeusche crijghs-helden, Indiaensche coningen"]20
38fDecisiones senatus Ravatensis [= Allessandro da Rho, Consiliorum sive responsorum et decisionum comitis Alexandri Raudensis ..., Venetiis 1595-1596?]116
39fOpera Covarruviae [Francof. 1583]20
40fCorpus iuris duo volum.40
41fHistoria Ultrajectina25
42fGenealogia Francicae Blandelli [= Blondelli]30
43fGeldersche geschiedenissen210
44fDecisiones [causarum tam rotae Florentina quam rotae Lucensis Hieronymi] Magonii [et aliorum, 1600]110
45fCodex Fabrianus [Lugduni 1606]50
46fDefinitiones Carpsovii [Lipsiae 1649]50
47fDecisiones Boerii [Lugduni 1593]310
48fJulius Clarus [Practica civilis atque criminalis, Lugduni 1561]116
49fDecisiones Vincentii Caraccii [= Carocii, Francof. 1602]20
50fMantica de conjecturis ultimar[um] voluntatum [Francofurti 1580]30
51fSchneidevinus ad Instituta [Argentin. 1590]216
52fParatitula Wesembesii [= Wesembecii]24
53f[Gabriel] Moedeus [= Mudaeus] de contractibus [Francof. 1586]110
54fMenochius de arbitrariis judicum questionibus [= quaestionibus, Francof. 1576, Coloniae 1615]28
55fConcilia Vinsenbesii [= Wesembecii Responsorum sive conciliorum juris tomi]015
56fCommentaria Goviani [= Goveani]18
57fConcilia Leovani [= Lovanii?; misschien: Responsa sive consilia D. Nicolai Everardi a Middelburgo iureconsulti magnique senatus Belgici apud Mechliniam quondam praesidis, Lovanii 1554 [of] 1577; of: Ioannis Wamesii I.C. celeberrimi, in Academia Lovaniensi antecessoris primarii, Responsorum sive consiliorum de iure pontificio tomus I-II, Lovanii 1643]018
58fGudelinus de jure novissimo [Antverp. 1620]15
59fCatalogus bibliothecae Franequeranae [1656]012
60fVinsemius Historie van Frieslant [= Chronyck, Franeker 1622]33

79r


61fHistorie [der Nederlandsche Oorlogen] van Met[e]ren ['s Hage 1623]20
62fEffigies [et vitae] professorum Academiae Groninganae [Groningae 1654]18
63fHantvestboeck van olt Batavien015
64fUngersche [= Hongaarse] historien116
65fHistoria belli civilis in Belgio018
In quarto



66q[Joh. Jac. Chiffletii] Insignia gentilitia equitum [ordinis] Aureae Velleris [= Gulden Vlies; Antwerpen 1632]10
67qTractatus de Sascinatione [= Fascinatione, Norimbergae 1675]28
68qWapenboeck Hoogduitsche Edelen66
69qHortensius de bello germanico02
70qOorspronck, voortganck en daeden] van de heren Brederoen [Utrecht 1656]010
71qBuxhornii Nederlantsche historien010
72qHerstelde Leeu[w ... 1650 en 1651] van Aitsma [= Leo ab Aitzema, 's Hage 1652]018
73qde fatis Monarchiae Romanae010
74q[J.] Bulaeus huyspostil012
75q[Everhardi] Wassenbergii gestarum [= gestorum Vladislai IV., Pol. et Suec. regis, Gedani 1634]05
76qBatavia illustrata010
77qCloppenburgii opera 2 voll. [Joh. Cloppenburg of Cloppenburch was hoogleraar theologie te Franeker van 1643 tot zijn dood in 1652; door zijn kleinzoon prof. à Marck is de uitgave van al zijn streng gereformeerde werken in opdracht van Gedeputeerde Staten bezorgd, Amsterdam 1684]80
78qSchoock [Liber] de bonis [vulgo] ecclesiasticis [dictis, 1650] [Martinus Schoock was te Groningen 1640-1666 hoogleraar in de logica, fysica en filosofica practica; kreeg ruzie met Descartes en Voetius; schreef o.a. Tractatus de turffis (1658); verpachting van turfwinning was voor Dekemastate een belangrijke inkomstenbron]018
79q[Schoock] exercitat[iones] variae [ed. nova Trajecti ad Rhenum, G. Zijll, 1663]018
80q[Hermanni] Witzi [de Oeconomia] foederum Dei [cum hominibus, Leovardiae 1677]33
81q[Nicolai] Arnoldi Lux in tenebris [Franekerae 1665]30
82q[Abrah.]Schulteti [der Cheur-vorstelijcke Pfalts Hoff-Predicant] huyspostil[le ofte Predicatien [Amstelredam 1654]018
83qGuicciardijn Italiaensche oorlogen110
84q[Campegius] Vitringa sacrarum observationes[= observationum liber primus, Franequerae 1683]116
85qOrd[onnan]tie van Uitrecht06
86qTeling Worstelinge enes Sondaers010
87qIcones [&] vitae principum ac regnum Polloniae [= Poloniae]08
88qHoogduitsch boeck03
89qOeffeninge der Godzaligheyt15
90qApollogia Suffridi Petri04
91qEtsma [= Aitzema] saecken van Staet ende Oorlog veertien delen ['s Hage 1657-1671]120
92qEverard van Reiden Historien10
93qExercitationis [= Exercitationes] philosophicae manuscriptae [handschrift]06

79v


94qPetri Matthei opus historicopoliticum018
95qRevii Daventriae illustrata [ad usque annum 1641]116
96qActa pacificationis05
97qTheologia prophetica Gaullicii28
98qMunting van Planten210
99qDictionaire Francais a Flamen18
100qRoeleff Pyters gulden regelen012
101qBodini respublica06
102qCorpus juris116
103qRepartorium [= Repertorium] Brederodii26
104qOrd[onnan]ie van Frieslant met annotatien op schoon pampier [= Statuten, ordonnantien en Costumen van Friesland, 1602?]18
105qCommentaria Cognani10
106qMisingerus [= Mynsinger] ad Instituta10
107qBusius ad Pandectas018
108qDecisiones Mainardi15
109qDecisiones Antonini Thesauri016
110qOrd[onnan]tien van Frieslant met annotatien op schoon pampier [= Statuten, ordonnantien en Costumen van Friesland, 1602?]20
111q[Tractatus] De officio Judicis Matthei [= Matthiae] Stephani [Francofurti ad Moenum 1625]018
112q[Novae] Decisiones [Sacri Senatus Pedemontani] Barlichii duo volum. [Francofurti 1597]116
113qJoa[nni]s Matiensi [= Juan de Matienzy Deza] de [referendariorum, advocatorum, judicum officio] off. jud. [Francofurti 1623]016
114qSfortias Oddus [= Sforza Oddi] de resitutionibus116
115qQuestiones [= Quaestiones] forenses Gasparis Anthoni[i] Thesauri [Francofurti 1614]114
116qOrd[onnan]tie van Frieslant met annotatien op schoone bladeren015
117qBronchorst centuriae sex18
118qPlaccaten van de Staten Generael116
119qTreutleri disputationes18
120qPraxis criminalis Damhouderi15
121qCommentaria Johannis Fabri10
122qSibrandi Siccama Leges Frisiorum05
123qPhilippi Siprii Chronicon Eccle. greyk05
124qPraxis beneficiorum Rebuffi04
125qAnthonius de criminalibus110
126qSande opera omnia [juridica, Groningae 1683?]20
127qVermeerderde papegai [= Willem van Alphen, Nieuw verbeterde en vermeerderde Papegay, ofte, Formulier-boeck van alderhande requesten, mandamenten, conclusien etc., ghelijck die ghebruyckt ende gepractiseert werden voor de respective hoven van justitie in Hollandt, 's-Gravenhage 1649]10
128qJoa[nnes] a Sande decisiones Frisiae [Leovardiae 1647?]018

80r


129q[Johannes Jacobi] Wissenbach ad Codicem [= Commentationes in septem libros priores Codicis, Franekerae 1660, 1664 & 1665]45
130qIdem [Disputationes] ad Institutiones [Franekerae 1666]18
131qSchellekers Elementia18
132qMisingeri [= Mynsingeri] observationes [Imper. Camerae, Helmstadii 1599]08
133qStaekmans decisiones [Guilielmus/Willem Staeckmans? Deze schreef zich op 20 augustus 1612 te Franeker als student "lit. et deinde iur." in; hij maakte een Grand Tour door Frankrijk. Juridisch werk is niet van hem bekend. Wellicht biedt uitsluitsel de Catalogus librorum excerptorum ex bibliothecae ... Guilielmi Staackmans ... quorum auctio habebitur 24 Martii 1645, Franekerae, Uldericus Balck, 1645]18
134qWissenbach [Disputationes] ad Instituta [Franeker 1648?; Wissenbach was hoogleraar rechten te Franeker vanaf 1640]18
135qDecisiones Sandae in duits110
136qDecisiones [posthumae Curiae Provincialis Trajectinae Wilhelmi] Radelantii [Trajecti 1637]012
137qDecisiones Sande014
138q[Theodorus] Reinckinck [Tractatus synopticus] de retractu [consanguinatis, Gissae Hassorum 1662]15
139qPetri Costalii de juris consultu [= Pierre Cousteau, vooral bekend door zijn Le Pegme, 119 emblemata]012
140qLescurie08
141qBorgholten ad Instituta018
142qLandtrecht van Overij[ss]el [Deventer 1630]06
143qeen ges. boeck van Schotanus [handschrift]010
144qHangerii [= Ioannis Zangerii (hoogleraar rechten Wittenberg 1581] tractatus duo [unus de exceptionibus, alter de quaestionibus seu de torturis reorum, Wittebergae I 1586 II 1593; Amstelodami 1643]015
145qNederlantsche practijcq van Sutphen18
146qPappius artyckelbrieff [= Articulbrief met annotatien door Peter Pappus, Groeningen 1636]08
147qBanck de consiliis principium [principum, Franekerae 1657]06
148qRoeleff Pyters gulden regelen015
149qVariae orationes010
150qOratio Nieuwenhusii [= Edo of Reiner Neuhusius?]010
151qJohannes Casselius de nobilitato [= nobilitate]08
152q[Suffridus Petrus] eene genealogia familiae Hermanae [Franequerae 1624]01- [of 0-4-]
153qObservationes [rerum judicatarum Jacobi] Coren. [Hagae 1633]010
154qBrusselius de conditionibus06

80v


155qSande de actionum cessione et [de] prohibeta etc. [= rerum alienatione, Leovardiae 1633]016
156qDecisiones [Curiae Trajectinae Wilhelmi] Radelantii012
157qMaresius de prae adamitis [Groningae 1656]08
158qDe wijse Jaer beschrijver [of Wonderlijcke genees en heel-konst, behelsende een volmaeckte beschrijvingh om alderley sieckten, gebreken, accidenten, wonden, soo inwendigh als uytwendigh, oude en nieuwe, wel te kennen en te genesen; handelende mede van pestilentie en swangere vrouwen. Als oock 't rechte gebruyck van allerley kruyden, wortelen, zaden, olien, wateren tot gesontheyt: mitsgaders een nieuw uytgevonden disteleer-konst om deselve behoorlijck te prepareren]018
159qInstructie van de Hoven van Hollant, Zeelant et[c]. [= van den Hoove van Holland, Zeeland en Friesland, 's Hage 1657]02
160qBeverwijck begin van Hollant018
161q[Sub praesidio Ioannis] Linder[s]hausen [Iacobus de Homburch Trajectinus, Disputatio Iuridica Duodecima] de emptione et evictione [= venditione, Lugduni Batavorum 1619]017
In octavo



162oClassis Oldendorpii012
163o[Nic.] Blancardi Arriani [tactica, Amst. 1683]016
164oConstitutiones Sleidani112
165oad idem012
166oChronici chronicorum ecclesiastici 2 volum.114
167oThomas Lansii orationes08
168oSleidani Commentaria010
169o Schoockii disputationes [= Status reipublicae foederati Belgii disputationibus aliquot excussus in academia Groningae et Ommelandiae / sub praeside Mart. Schoockius, Gron. 1651]
015
170oJ. Caesar de bello Gallico08
171oHarmanni Vulteii de feudis03
172oChronico chronicorum 2 volum.114

82r[N.B. 81 in foliëring overgeslagen]

173oThuani Historiarum 2 volum.016
174o[Heydenstryk] Overcamp nieuwe beginselen tot de geneeskonst [= genees- en heelkonst, Amst. 1681]12
175oFerdinandi Vasquii Uluss. [= Illustr.] controversiarum 2 volum. [Francof. ad Moenum 1606]012
176oNoodt probabilium juris civilis [Gerardus Noodt was als opvoger van Huber hoogleraar van 1679 tot 1694 rechten te Franeker]08
177oImagines imperatorum05
178oEen sermoenboeck010
179oDecius de Reg[ulis] jur[is]06
180oCaepolla de servitutibus [Coloniae 1596]05
181oObservationes Jacobi Cuiacii08
182oGeilli [= Gaillii] observationes 2 volum.016
183oGoddaeus de verborum significationibus06
184oViglii Swicchemi comment.012
185oDisputationes [iurid. Joh.] Holmanni [De servitutibus praedialibus (resp.) De naturalibus dominia rerum acquirendi modus, Rostochii 1635 (resp.) 1636]03
186o[Petrus] Peccius [ook: Peckius] de Testamentis04
187o[Ant.] Negesantius [Negusantius, Tractatus] de pignoribus [et hypothecis, Coloniae Agrippinae 1589]02
188oAnalysis Instit.02
189oJoa[nne]s Andreae commentaria02
190oInstitutiones Calvini06
191oLubbarti Positiones02
192oPraxis rerum criminalium02
193oPractica Joa[nni]s Berberi02
194oChronologia Gertberleth [= Guthberleth]08
195oChronicon Carionis03
196oCornelius Tacitus06
197oOratio Ciceronis03

82v


198o[Suffridus Petri] De scriptoribus Frisiae [Franeq. 1599]01
199oAleanei varye historiae04
200oBaudei [= Budaei?] Epistolae et orati[ones]05
201oPhilosophiae practica01
202oPolickii historiae06
203oAlthusi politica02
204oSniderus de rep. Helveticorum01
205oLipsii Epistolarum04
206oJulius Flori rerum01
207oScientia demonstrandi [ab Aristotele]02
208o[Suffridus Petri] De Frisiorum antiquitate [Franeq. 1598]01
209oAristoteles politica02
210oHistoria Comminaei01
211oCatachesis Lansbergii02
212oAntoni Mureti [Marc Antoine Muret]01
213oAdolphi Phisica01
214oDe institutione principium et Lucillii Aneae02
215oGelove tusschen vlees en geest015
216o[Johannes à] Marck de Sibilis [= sibyllinis] disputationes [academiae duodecim, Franekerae 1682]018
217oGadeleti episcopae et viaticum itineris [extremi, door Nathan Chytraeus]01
218oDisputationes apologeticae01
219oTitus Livius 2 volum.06
220oSchat der gesontheyt ende ongesontheyt 2 volum.012
221oEpigrammata et Brandt Tit.01
222oGerhardi Noodt probabilium012

83r


223oVulteii Jurisprudentia[e Romanae libri II, Marpurgi 1618]01
224oMethodis foedorum etc. Sande02
225oDe foede Gelriae07
226oInstitutiones juris civilis06
227oThesaurus rerum judicarum05
228oCuiacii Paratitula03
229oWantsius[?] de nullitat.06
230oKirchneri Legatus05
231oMennochi [= Meochius] de recuperanda02
232oGravii Specimina philosophiae04
233oHuber Positiones juris14
234oHuber Auspicia domestrica15
235oAndreae Alciati et practica Nicolai01
236oLangii Dithmersii exercitaiones02
237oDe miraculis occultis01
238oDamhouder patrocinia [pupillorum, Amstelodami 1671]016
239oQuaestiones Hornani et Bodini01
240oDissertationes [Joh.] Steinbergii [XV ... De culpa in contractibus praestanda (resp.) De quartis juridicis, Groningae 1643 (resp.) 1645; Doys in beide geen respondent]02
241oGrotius de jure belli [ac pacis]06
242o[Abraham à] Wesel de remissione [mercedis, Amstelodami 1678]06
243oDisputationes Schokii04
244oChrysostimi philosophia et Donelli04[?]
245oGuiaso de civili conversatione04
246oMathaei Dresserus01
247oDavids boetveerdigheyt03
248oEpitaphia Joco Seria [= Ioco-Seria Latina, Gallica, Italica, Hispanica, Lusitanica, Belgica Franciscus Swertius collegit; Coloniae 1623 of 1645] et Ciceronis epistolae01

83v


249oKonincklijcke apologie01
250oEmmii de agro Frisiae05
251oLipsii Epistolarum01
252oSystema logicae04
253oSchokii Foederati Belgii04
254oWatson const van Godlijcke vergenoeginge05
255oWitte Wrangel08
256oHania toetssteen der waerheyt04
257oPerkinsius van de tonge ende andere tractaten06
In duodecimo



258dCandeni Britannia [= William Camden; topografisch en historisch overzicht van GB en Ierland; eesrte Latijnse ed. 1586, Engelse 1610]012
259dMacheavelli disputationes de republica08
260dMathei observationes 2 volum.015
261dMathei disputationes010
262dMathei de judiciis01
263dDe regno adversus Machiavellum09
264dMacheavelli Princeps08
265dLucinini [= Euphormionis Lusini sive Ioannis Barclaii] Satyricum [= Satyricon, Amstelodami 1664]02
266dSpeculi Aulicarum [atque politicarum observationum libelli tredecim, bijv. Argentorati 1621]01
267dConciones et orationes Latinae05
268dTeling betragtinge eens sondaers en een polityck hantboeckje01

84r


269dTaphin mercktekenen02
270dCenturiae Pacii01
271dFranciscus Hotomanni02
272dStrade bello belgico010
273dIdem012
274dSchonborneri [Georg Schënborner] politicorum010
275dDisquisitiones politicae05
276dEuphormionis Satyrici Icon animorum [Lugd. Batavorum 1637]02
277dAmilii orationes010
278dJustiniani institutiones01
279d[Joh.] Loccenii dissertationes [de jure publico ad regni Sueciae statum accomodatae]08
280dBronckhorst ad Regulas juris01
281dBourgondus ad consuetudines02
282dJuris fecialis [auteur: Richard Zouch]03
283d[Jac.] Bouricii Advocatus [Leovardiae 1650]02
284dHobbes Ellementa [= Elementa] philosophica05
285dAmesii de conscientia02
286dDe Oeffeninge der godzaligheyt04
287dMathei disputationes06
288dInstitutiones et Hornii orbis imperans06
289d[Bernardus] Suitholt [= Sutholt] dissertationes [XIX quibus universum jus Institutionum es principiis explicatur, Lugd. Batavorum 1633]03
290dHistoria Cretensis01
291dInterpretatio Ovidii et Bodini02

84v


292dLipsii monita [et] exempla politica04
293dThomae Mori Regni Britanniarum Cancellarii01
294d[Antonius Deusingius (1652 lijfarts van Willem Frederik)] Dissertatio de morborum et[c.] [speciatim de morbo man-slacht vulgo dicto, Groningae 1656]01
295dWaere uitrecht van Hollant03
296dTaciti notae politicae03
297dHilperti disquisitio de praeadamitis01
298dRegni Polloniae08
299dSchelae [Robertus Schelius] libertas publica01
300dTaciti Christophorae [ex officina Christoph. Plantini?]06
301dFamiani Stradae Romanae06
302dLoccenae [Johannes Loccenius] de jure maritimo02
303dMachiavelli Florentini Historia08
304dSchickhardi Logica03
305dDe Friesche Rechtkunde van Huber [= Beginselen der rechtskunde gebruikelijk in Frieslandt, 1684; de Hedendaegse rechtsgeleertheyt verscheen in 1686]15

62v-63rInt voorhuys

306kEen kaert van de wapenen van de Adelijcke geslachten van Hollant
Matthijs Smallegange (Zeeuws genealoog, 1624-1710), Wapenen der steden en oudadelyke geslachten in de machtige republyke van Hollant en West-Vriesland. Amsterdam 1676?
In 1676 verscheen (apart?) zijn Kaerte van de Nederlandsche Adel
210
307kEen ad idem van Camerijck
Jean-Baptiste Charpentier, Histoire genealogique des Païs-Bas, ou Histoire de Cambray enrichie des armes des comtes, ducs, evesques, 4 dln. Dl. 3 en 4 met afzonderllijke titelpagina: Histoire de Cambray. Leide 1668.
20
308kEen ad idem van Utrecht
Wapenkaart Ridderschap van Utrecht, handschrift ca. 1674
210
309kEen van de Keyser en seven Keurvorsten


De keurvorsten kronen Karel V tot Rooms koning in Aken op 23 oktober 1520
30
310kEen kaert van Prins Willems begravenisse
Door deze mannen werd de begrafenis bijgewoond.
010

Dekema
Inventarisatie en aestimatie: voorlopige, gedeeltelijke transcriptie

61r
Op huyden den 28 Octobr. 1686 Inventarisatie ende beschrijvinge gedaen bij ons Jan Pyters mede rechter van Leeuwarderadeel als gesubstitueerde Commissaris van de Edele Heere Laes van Burmania grietman d'deels voors., ende Keympe Bruynsma secretaris van voors. deele, ten sterfhuyse van w. de heere Gerlich Doijs in leven old Raad in den Hove van Frieslant, van alle goederen, actien ende gerechticheden bij welged. heere Doijs nagelaten ende bij desselfs weuwe in massa gepossideert, mitsgaders warderinge van de respectivel. goederen. levendige have ende huysmanne gereedschappen, ten welcken tijde ten sterfhuys tot Jelsum voor mij Commisar. gecompareert sijn, Vrau Anna Catharina van Unia weduwe van welged. heere Doys voor haer ende n[omin]e liberorum bij voors. haer man in echte verweckt, ende in desen geassocieert met de capiteyn Dirk Julius Doijs haer oudste soon reqrnte. ende Juffr. Elisabeth Maria Doijs een voordochter van welged. heere Doijs mede reqde., en naedat de reqrnte. geassocieert als voren de cautio[n]e hadde geaccuseert de heere schout bij nacht ende capiteyn Douwe Feio van Roorda als erfgenaem van vrou Helena Elisabeth Doijs sijn w. huysvrouwe, ende mede een voordochter van welgem. heere Doijs in dier qlt. mede reqde. vermits van cautie met protestatie van costen ende versoeck van versteck van opp[ositi]e, is voorts geprocedeert tot inventarisatie ende waerderinge voren gemelt, naedat de Vrou req.te den behoorl. boeleede om alles getrouwel. aen te geven in handen van mij Commisris. hadde gepraesteert, voorts Trijntie Jans ende Heiltie Harmens gesworen uitdraegsters der stede Leeuwarden, mitsgaders Claes Cornelis ende Harmen Thomas ingesetenen van den dorpe Jelsum mede den eed hadden gepraesteert, om yder
62r
in sijn respecte de warderinge te doen, de post is op den 28 dito wat nae noen gecompareert de heere Roorda.

In de voorcamer
caroli gls.
Een bed en peul 36-:-
drie bedcussens, noch een 6-:-
twee dekens, noch een 18-:-
een peuldoeck :-10-
een bont kleed omt bed 2-:-
een taberettie met twee tepotten, drie teschuttelties, mitsgaders drie ronde tekopjes ende twee suyckerkopjes ende twee albasterde koppen t'samen op 24-:-:
Noch een taberettie met een tekan parseleyn, mitsgaders twee blicken teflesschen, drie schalen met drie ronde kopjes ende twee ronde met voetjes ende een suyckerpottie t'samen 22-:-
een eken kastie op een voet 2-:-
een ijseren kistie 15-:-
drie ledige taberetjes 5-:-
een owaelse spiegel 3-:-
ses trijpen stoelen, noch twee 9-10-
twee armstoelen met bont bekleed 6-:-

62v
een eken kantoor 2-10-
een Turcx spreed daerover 4-:-
twee glasgordijnen 3-:-
het catoenen behangsel in de camer 30-:-
twee prenten met vergulden listen van de stadhouder 4-:-
twee kleyne portretten van w. Jr. Julius Mockema de Unia cum uxore
noch eene van de Gravinne van Stierum
noch eene van Jr. van Dort
noch eene van Juff. Elisabeth Maria van Doijs

het hantwerck van een ledekant met sijn behangsel de heere cap. Doijs toebehorende sonder praejuditie getauxeert op 25 ll.

Int voorhuys
Een groot drakenschilderij 12-:-
een zeestuck, noch een 6-:-
een rond lantschap 2-:-
een kaert van de wapenen van de adelijcke geslachten van Hollant 2-10-
een ad idem van Camerijck 2-:-


63r
een ad idem van Utrecht 2-10-
een van de Keyser en seven keurvorsten 3-:-
een kaert van Prins Willems begravenisse :-10-

ses spaense rustleeren stoelen 15-:-
een kleyne eken kast met ebben hout ingeleyt 12-:-

In de keldercamer
Een bed met wtee peuldoecken 33-:-
een peuldoeck wit ende een bont 2-:-
een ledekant met sijn geheele behangsel en bedspreed 55-:-
een groot vergulten spiegel 40-:-
vier armstoelen met geel trijp 28-:-
thien gele trijpen spaense stoelen 75-:-
een geel trijpen tafelspreed 8-:-
een tafel van grenenhout 2-:-
veertien servetten 12-:-

63v
twee vergulten gerrydommen 8-:-
drie haerlemmer[?] gele glasgordijnen 12-:-
een ijseren vuirheerd 5-:-
een behangsel van gouden leer 200-:-

In een kleyn kamertie aen de trap
een blicken tromp ende drie flessen met een braukantie 2-:-
twintich pont flas 11-:-

In een bovenzael
een bed met een bont spreed daerom ende een peul 70-:-
een ledecant met grau behangsel 40-:-
een grau schoorsteencleed met een tafelspreed 6-:-
vijff witte glasgordijnen 15-:-
thien trijnen spaense stoelen 25-:-
twee armstoelen 6-:-
twee armstoelen sonder leunigen 4-:-
twalif servetten 10-:-
een tafel 5-:-
een kleyn metalen stuckje met sijn raderen 12-:-

64r
een vergulten spiegel 18-:-
vijff glasen voor de schoorsteen 2-10-
noch negen op de sijde :-12-
noch vijff ende dartich glasen 4-:-
twee houten boeckkasten van grenenhout 20-:-
een portret van w. de heere Doijs grootvader en moeder cum lib[e]ris
een portret van w. Vrou Maria Guaraiske
een van w. de heere Doijs
noch een van w. Vrou Anna Catharina van Unia
noch een van de heere ritm. Douwe Carel van Unia
noch een van w. Vrou Helena Elisabeth Doijs
noch een van de heere rentem. Gerryt van Loo
noch twee cleine van w. de heere ritm. Ritske van Unia
noch een ad idem van een onbekent vrient


64v
op 't poortael
een partij glasen en fleesen 5-:-
ses matstoelen 7-:-
drie matstoelen 1-10-
ses spaense stoelen 3-:-
drie knechts leverey rocken 24-:-
vier oude idems 6-:-
een koetsmantel 8-:-

In de groene kamer
Een bed met bont doeck overtogen ende een peul 30-:-
twee matraspeulen 2-:-
twee peulen 7-:-
vier bedcussens 5-:-
een ledekant met bont behangsel 20-:-
twee witte glaesgordijnen 2-:-
ses groene trijpen stoelen 18-:-
twee gel. armstoelen 10-:-
ses andere oude stoelen 4-:-
veertien servetten 12-:-
een kleyn pulpetrum 1-5-
een groen lakens tafelspreed 3-:-
een grenen tafel 2-:-

65r
een eken kast 12-:-
een banketschilderij 2-:-
een fruitschilderij 2-:-
een schilderij met vogelen 4-:-
een portret van Juff. Loo

een eken tafel 6-:-
een tapeten spreed 5-:-
eenige glasen 1-:-
een Jabontse deken 18-:-
een katoenen deken 12-:-
een ad idem 15-:-
een ad idem 7-:-
vier groene wapenkussens 20-:-
een groene gevoerde deken 5-:-
noch een idem 6-:-
noch een idem 6-:-
een witte spaense deken 4-:-
een idem oude 3-10-
een idem 1-:-
een grau bedspreed 7-:-
een oud spreedtie, noch een ende een schoorsteenkleed 4-:-
twee[?] rode sijden glasgordijnen ende een rabat 2-10-
ontrent twalif .. groen laken tot leverey rocken 30-:-

65v
vier glasen tafelborden ende drie backjes 1-:-
twee butterschutteljes ende vier andere :-10-
ses tinnen waterpotten 8_:-
twee grote tinnen schuttels 18-:-
vier idems 20-:-
twee idems 6-:-
vier idems 7-:-
vier idems 7-:-
ses idems, noch twee 14-:-
twintich tinnen tafelborden 15-:-
drie tinnen opsetters 1-10-
een tinnen olykan met drie andere 2-:-
een coperen teeketel 2-10-
drie vischbomen 3-:-
een keesvat met een ijseren lepel 1-:-
een konijnebrader met een opsetter :-10-
een handwicht :-10-
een salmbrader met twee ijseren hengels 2-:-
ses spitten 3-:-
een vuirbecken 3-:-
twee vatten en twee corven 1-15-
ses tinnen lepels, noch een :-8-
twee paer gouden knoopkes 7-:-
een gouden ring sijnde geweest ingelecht 4-:-
een silveren brilguys met een bril daerin 7-10-
een groot silveren signet 8-10-
twee silveren flesdoppen 2-15-


66v
op de solders
Een eken pars 1-:-
een oud eken tafel :-15-
een mantelstock :-10-
ses sacken 2-10-
een ende twintich kleerstocken 4-:-
eenige netten 3-:-
peerdetappen :-15-
een tonne, met de lappen 1-5-
een tafelsleer, en andere romlinge 5-:-
een bed 12-:-
ses peerdedecken waeronder twee met franjen 13-:-
een zwyl 5-:-
wielen met romlingen en ander goed van geen of weinich belang 1-8-
wiele cum annexis 1-5-
een tafelbald met een reckje 1-:-
een selwender 2-:-
matten en andere roml. 2-10-
netwerck 4-:-

67r
Toertsen 2-10-
vijfftien kleerstocken 3-:-
een aerd en kandelaer :-15-
een kinderstoel :-10-

Int salet

een rustbanck 28-:-
een swarte ebben spiegel 12-:-
ses spaense stoelen met swart baij overkleed 18-:-
twee armstoelen ad idem 5-:-
twee swarte cussens 4-:-
een ronde tafel met een blad 4-:-
een kleurd spreed 1-:-
een grenen tafel met het spreed 3-10-
twee glasgordijnen 2-:-
ses Fransche stucken prenten 5-:-
twee bloemstuckjes schilderij 6-:-
twee portretten van w. Julius Mockema van Unia cum uxore
twee portretten van w. de heere Douwe van Aylva de oude cum uxore
twee portretten van de heere Ripperda cum uxore


67v
twee portretten van w. de alderen van de heere Gerlich Doijs
een portret van w. de heere Meckema
een Salmboekc [= psalmboek] met gouden beslag 60-:-


In de gang bij de keucken
een parse 3-:-
een keuckenstuck 2-10-
een lantschap 2-:-
een uirwerck 12-:-
een wapenstuck :-15-

een tafel 2-10-
een ijseren kroon 2-:-

In de keucken
een bed 20-:-
vier bedcussens met de slopen 6-:-
een matras 8-:-
een grauwe spaense deken 5-:-
een ledecant met behangsel 8-:-
een scherm over huijs 6-:-
een spiegel 10-:-
een tafel 4-:-

68r
een slabanck[!] 4-:-
een bed en peul daerin 10-:-
een kussen ende twee dekens 6-:-
twee lakens 2-:-
twee lakens opt ledecant met een witling daeronder 6-:-
een koffertie 1-5-
een bedwarmer 1-:-
twalif matstoelen 4-:-
vier stoelcussens 5-:-
een vuirbecken 9-:-
veertien schaelen ende een schuttel 2-:-
een schoorsteencleed 1-:-
een tinnen doorslag [= vergiet] 3-:-
een stoofbecken 2-10-
een keefvat noch een ende parsvoet 2-:-
een fijsel 3-10-
een grote ketel 8-:-
een idem 3-:-
een coperen koelback 3-:-
een coperen vat 2-:-
een vischketel 5-:-
een coperen bradpan 5-:-
een taertpan 3-:-
twee ringen van een ijseren plaet 1-10-
twee strijckijsers 3-:-

68v

69r
In de spijskamer
In de schuttelhaeck

69v
In de keucken over int huys

70r
Int slachthuys

In de twee kleyne kamers boven
vier schilderien

70v
In de gaerdenierscamer
Noch op de groene camer in de grote eken kast bevonden navolgende linnen ende silver aen de jongste dochter Juffr. Ida Hester van Doys gepraelegateert

71r

71v
twalif silvere lepels ende twalif silvere forcken t'samen swaer twee pont ende twee lood 99-:-
.....

72r
....
72v
Noch op de groene kamer Vrou Anna Catharina van Unia toebehorende
een silveren gieter swaer twee ende vijftich loot 78-:-
.....

73r

73v
een swart varendijnen tabbaert 14-:-
een silveren soutvat swaer achtien loot 26-2-
een grauwe tabbaert 3-:-
een swarte lakens tabbaert met een rock 20-:-


74r
Noch op de groene kamer

74v
In de kas staende int voorhuys

75r

75v

76r
Het linnen boven vorige aentek.en tot de heere Doys lijf behoort hebbende

76v
Huysmanne reeu [= vee] ende gereedschappen

77r
In de uitrecescamer tot Leeuwarden ten huyse van Vrou Sissinga
een ledecant met groen behangsel ende een bedspreed 24-:-
een bed ende een peul 35-:-

77v
Noch ten huyse van Madameselle de Coudray, alwaer Juffr. Ida Hester van Doys in de kost woont

78r
Boecken ofte Bibliotheecq ...

85r
Gerede penn[ingen]

85v
Mande profijtel. crediten

86r

86v

87r

87v

88r

88v

89r

89v

90r

90v

91r

91v

92r

92v

93r

93v

94r
Mande schulden staende echte opgelecht
Thomas Pyters comt van verwen ende ferfloon 7-:-

94v

95r

95v

96r

96v
Jacob Haegenaer van boecken en anders 30-18-

97r
Willem Bitter kleermaker tot Campen volgens specif. 3-3-
De wed. van Heydanus conrector tot Campen wegens veertien wegen [= weken?] kostpenn. van Johan Louys Doys tot vaders doot vervallen 's weex drie ll. volgens specif. 42-:-
Jan van Weteringen tot Campen wegens schoenen van Johan Louys Doys volgns specif. 16-4-

97v

98r

98v
in fine van de judiciele besoignes voor de heere Burum als commissaris gevallen, wort vermeldet dat buiten de staet daerinne geroert gelaten sijn een dubbelt snoer paerlen, ende een boot van diamanten, ende dat bij de here Doys aldaer reqrnt. de aestimatie aen sijn voorkinderen sal worden gepraesteert, ofte andersins in de staet van meerder uitgaeff als ontfang gevalideert
het dubbelt snoer paerlen is vercoft staende het eerste echte voor de somma van duysent caroli gls.
oversulx moet de selve somma alhier comen in de mande schadel. staet tot profijt der voorkinderen, dus 1000-:-
sijnde de boot van diamanten met twee swaere kleyne paerlties noch in rerum naturae van welcke, alsmede van der selver aestimatie nader geseyt wort in de particuliere profijten ende schadel. staet van de heere Doys
boven andere schulden welcke onbekent sijn.

[boot = het grote gouden of zilveren, vaak met diamanten bezette middenstuk, tevens slot, van een halssnoer zoals Friese en Hollandse vrouwen dat droegen; (ook) dat middenstuk als broche]
99r
Volgens consignatieboeck van de heere Doys is noch te quade van consignatiepenn. als volgt

100r
Brieven ende instrumenten

100v

101r

101v

102r

102v

103r

103v

104r
Profijtel. posten ende inschulden de boedel van de heere Doys int particulier toebehorende
De funeraele oncosten van Vrou Maria Goraiski bij de heere Doys uitgeschoten bedragen de somma van [niet vermeld]

104v

105r

105v

106r
Sijn de selve boot van diamanten ende twee snoeren kleyne paerlties tot profijt van sijn Edele boedel, door Jacob Philips Levy getauxeert te weten de boot met de strick daerbij op de somma van driehondert vijftien caroli gls. ende de twee snoeren kleyne paerlties op de somma van acht ende twintich caroli gls. alsoo t'samen 343:--
106v

107r
Schadel. staet des boedels van de heere Doys int particulier te laste comende

107v
Sijnde de boot van diamanten met twee snoeren kleyne paerlties noch in rerum natura
Ende dewijle in voors. besoignes gepraecaveert is dat de heere Doys daeraf maer schuldich is te praesteren de aestimatie, ofte andersins de selve aestimatie in de meerder uitgave als ontfang mach deduceren,
sijn deselve boot van diamanten ende twee snoeren kleyne paerlties tot profijt van sijn Edele boedel, door Jacob Philips Livi getauxeert te weten de boot en strick daerbij op de somma van drie hondert vijftien caroligls. ende de twee snoeren kleyne paerlties op acht ende twintich caroligls., alsoo t'samen 343-:-


108r

108v
Juffr. Ida Hester Doys comt wegens een praelegaet volgens testament van den 19 Augusti 1685 de helft van ses duysent caroli gls. dus alhier 3000-:-
Vrou Anna Catharina van Unia heeft ten echt ingebragt en gouden diamanten ketting van haer Edele moeder afgecomen
welcke, soo staende echte gecoft is moet door de boedel van de heere Doys daeraf de helfte aen sijn weduwe worden vergoedet tot [niet vermeld]


109r
Dootschulden van w. de heere Gerlich Doys
Aen de boden Pybo Gualtheri ende Joa[nne]s Bouritius betaelt wegens het aendienen van de leed 15-15-
Adriaen van der Chijs wegens Hollantse bieren voor de luiders ende int sterfhuys gelevert 31-6-
Anne Hiddes wegens wittebrood, kees, brandewijn voor de luiders, ende lint in de dootkiste 12-10-8
Mr. Douwe Sipkes wegens huysvestinge overt drincken van het luidersbier ende diensten 8-4-
Harmen Willems wegens brood, butter, kees etc. voor de luiders op 't Nieulant 30-12-
Douwe Nannes wegens het dootvat 53-:-
Jan Gerryts glaesmaker wegens het glas in de dootkist 1-:-


109v
Ernst Duyff wegens katoen in de dootkiste ende ander rougoed 21-3-
Impckien van Bacchum wegens huyr van lijcklakens soo int huys als op de begravenisse ende huyr van roumantels 16-11-
Cornelis Clasen wegens een groot paneel tot de quartieren ende een grote roukas etc. 22-1-
Feicke Fransen timmerman wegens een wapenkas panelen ophangen 39-11-
Pybo Wiaerda ende Harmannus Monsma wegens het schilderen vant blasoen, wapens, quartieren etc. 94-10-
Jan Alberts van het openen ende toemaken der kelder met schragen 4-:-
Hebbele Wibrens wegens het hoy[?] int sterfhuys, bekleden van de gestoelten in de kerck 64-16-


110r
Rinske Raepsvelt wegens geleverde tortsen, en swart maken van andere 7-7-
De erffgen. van Dirk Metz wegens een coperen plaet tot de dootkiste met letteren daerop te laten snijden 7-10-
Jan Hendrix van Nieukerck wegens ferwen van rougoed 10-1-
Meinardus Althusius wegens swarte hosen 25-18-
Gerryt de Gij wegens winckelwaren tot de rou 110-9-
Deselve uit gel[ijcke] oorsaecke 91-13-12
Jan Louwrens Buirensteyn uit gel[ijcke] oorsaecke 203-8-4
Engeltie Maria Warding uit gel[ijcke] oorsaecke 11-7-8
Frouckien de Boer uit gelijcke oorsaecke 21-4-


110v
Catharina Michiels uit gel[ijcke] oorsaecke 30-4-
Wybe Oenis wegens geleverde hosen 15-:-
Ipe Clasen wegens maken van rouklederen 37-14-
Hendrick de Fries wegens maken van rouklederen voor de dienstboden 17-12-
Claes van Werens wegens wijnen int sterfhuys gelevert 16-:-
Reynier van Gelder wegens rougoederen 8-8-
de Vroedsman Tiallingi wegens rouschoenen 22-6-
Lucia Wieringa wegens rouwaren 20-17-
Jan Kingma wegens brood op de leed gelevert 7-3-


111r
Lieuwe Coerts wegens vlees gelevert ten selven fine 4-7-12
Beern van Ulsen wegens knopen tot rouklederen 15-11-


109r

109v

>> begin